Heersende leer over ‘executeur – afwikkelingsbewindvoerder’?
In de discussie over rechtsgeldigheid of nietigheid van bepalingen in een testament voor een zelfstandig verdelende testamentair bewindvoerder, duikt steeds weer de term ‘heersende leer’ op. Onlangs ook in een arrest van het Gerechtshof Den Bosch. Waar komt dit vandaan? Wat betekent het? Wie bepaalt dat en klopt het eigenlijk (nog) wel?